Jeannette: Kan ik na de Corona crisis nog naar mijn werk reizen.

Kan ik na de Corona crisis nog naar mijn werk reizen?

In de afgelopen dagen heb ik mij afgevraagd hoe ik, een volwassen vrouw van 40 met een behoorlijke motorische beperking, kan reizen in de coronacrisis en daarna.

Nu we nog in het tijdperk zitten van `iedereen blijft thuis’, is er geen probleem. Niemand reist, er is geen enkel verschil tussen mensen met, of zonder beperking. (Dat is op zich al een nieuwe ervaring). Mij gaat het over de tijd nu en over het de tijd van `het nieuwe normaal’ De 1,5 meter samenleving.

Om een beeld te schetsen, ik heb dagelijks hulp nodig met aan- en uitkleden, onder andere. Die zorg wordt keurig geleverd. Niets aan de hand. Persoonlijke verzorging wordt als essentieel gezien en is dus een vitaal beroep.

Voor het Coronavirus uitbrak werkte ik buitenshuis, enkele dagen per week. Ik ging met de handbike, met assistentie in de trein. De reis assistent gaf mij een zetje in de trein, want de helling is nogal steil. Voor mijn werk is ook een station, maar daar kan ik helaas niet uitstappen omdat daar geen assistentie wordt geboden. Om die extra afstand (5 km) te overbruggen maak ik gebruik van een handbike.  Bij redelijk weer handbike ik vaak de heenreis (21 km) tussen Dordrecht en Rotterdam Zuid. Vaak reisde ik op de terugweg met de trein en de handbike.

Ik heb op 21-4 gebeld met de NS reisassistentie en de vrouw aan de telefoon geeft aan dat er wel assistentie wordt geboden, maar zonder lichamelijk contact. Een zeer terechte maatregel in het licht van het Corona virus. Maar het broodnodige zetje in de trein, kan niet worden gegeven. Haar oplossing is om een bekende mee te nemen die mij in de trein kan helpen en mij dat zetje kan geven.

Dat is niet uitvoerbaar in mijn geval. Mijn man en ik werken beiden, vertrekken op verschillende tijden en dragen zorg voor een kind in de lagere schoolleeftijd. Ik bedacht dat ik dan maar met een elektrische rolstoel kan reizen. De tram in Rotterdam is zeer goed aangepast. De bussen in Dordrecht zijn wel aangepast, maar het hydraulische systeem waardoor er een klep naar beneden moet klappen om mij in de bus te laten instappen, werkt vaker niet dan wel. Dat is dus geen betrouwbare optie. Pijnlijk, maar waar. Ik zou dus volledig afhankelijk zijn van de mantelzorg, of ingehuurde zorg om te kunnen reizen op een manier die ik kies.

Daarnaast volg ik een deeltijdstudie in Rotterdam, Haarlem en Den Haag, waar ik minder bekend ben met de toegankelijkheid van de bussen, dus ook met de handbike de afstand tussen station en opleidingslocatie afleg.

Een mens moet in staat zijn om zich vrij te bewegen volgens Artikel 13 van de universele verklaring van de rechten van de mens. (Amnesty International) Daarin staat: `Eenieder heeft het recht zich vrijelijk te verplaatsen en te vertoeven binnen de grenzen van elke Staat.
Eenieder heeft het recht welk land ook, met inbegrip van het zijne, te verlaten en naar zijn land terug te keren.’

Met pijn en moeite is de bewegingsvrijheid van de mens met beperkingen bevochten. Het vrij bewegen heb ik nog zelden mogen ervaren binnen onze landsgrenzen.  Dat mijn zelfstandigheid wordt ingeperkt is in strijd met de wet.

 

In de preambule van de VN-Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap sub b) staat: b. Erkennend dat de Verenigde Naties in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en de internationale mensenrechtenverdragen hebben verklaard en zijn overeengekomen dat eenieder aanspraak heeft op alle daarin genoemde rechten en vrijheden, zonder enig onderscheid van welke aard dan ook. (Wij staan op). Een preambule geeft aan met welke bril de beschreven wet moet worden gelezen. De inbedding in bestaande wetgeving en de bedoeling ervan. De preambule is deel van de wet. Daarmee wordt duidelijk dat het geldig is in het licht van de Universele rechten van de mens.

In artikel 1 staat:`Doel van dit Verdrag is het volledige genot door alle personen met een handicap van alle mensenrechten en fundamentele vrijheden op voet van gelijkheid te bevorderen, beschermen en waarborgen, en ook de eerbiediging van hun inherente waardigheid te bevorderen. Personen met een handicap omvat personen met langdurige fysieke, mentale, intellectuele of zintuiglijke beperkingen die hen in wisselwerking met diverse drempels kunnen beletten volledig, effectief en op voet van gelijkheid met anderen te participeren in de samenleving.’.

Als ik de realiteit die ik schets, naast deze wet zet, wringt bij mij de schoen bij de inherente waardigheid en verder. Ik ben een vrouw van 40 met een actief bestaan. Ik heb het bezoek aan vrienden en familie nog niet eens betrokken in dit verhaal. Maar de onmogelijkheid om los van mijn informele netwerk te kunnen reizen, maakt mij verdrietig en boos. In mijn gevoel wordt mijn leven geminimaliseerd en mijn positieve bijdrage aan de samenleving geschrapt als noodzakelijk offer als gevolg van de volksgezondheid.

Mijn verhaal staat niet op zichzelf. Er zijn heel veel mensen voor wie dit geldt. Er is een duidelijke tendens gaande om mensen met een beperking zelfstandig, of met bijgeleverde hulp met de trein te laten reizen. Bij punt 11 worden vragen gesteld rondom de toegankelijkheid van de trein voor mensen met een motorische beperking (Tweede Kamer der Staten Generaal, 2019). Daarin wordt gestreefd, naar een zo groot mogelijke vorm van zelfstandigheid om te voldoen aan de wettelijke plicht zoals geschetst in artikel 1 van VN-Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap.

Helaas heb ik geen pasklare oplossingen. Misschien kunnen we de dienstverlening aan mensen met een beperking in de brede zin als vitaal beroep aanmerken, om zo tegemoet te komen aan de wettelijke plicht om mensen op voet van gelijkheid met anderen te laten participeren in de samenleving.

Verwijzingen

Amnesty International. (z.d.). Opgehaald van https://www.amnesty.nl/encyclopedie/universele-verklaring-van-de-rechten-van-de-mens-uvrm-volledige-tekst

Tweede Kamer der Staten Generaal. (2019, juni 24). Kamerstuk 24170 nr. 193 . gehandicaptenbeleid. Opgehaald van https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-24170-193.html

Wij staan op. (z.d.). Opgehaald van https://wijstaanop.nl/wp-content/uploads/2019/06/VN-Verdragtekst-IVRPH-NL.pdf