Positionpaper Evaluatie Partipatiewet

IncluVisie

Naar een oplossing die echt iedereen helpt.

Geachte leden van de Commissie Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

20 februari a.s. vindt de hoorzitting over het Evaluatierapport m.b.t de participatieplaats.

Veel partijen zetten dan hun visie uiteen.

Algemene teneur van de door hen ingeleverde positionpapers is:

  • Binnen veel gemeenten voert de afdeling werk en inkomen een beleid van wantrouwen in plaats van vertrouwen
  • Werken loont te weinig en na aanvaarding van werk ontstaat er vaak een administratieve rompslomp waarbij Gemeente, UWV, of belastingdienst weer bedragen terugvordert vanwege het gewijzigde inkomen.
  • Er is landelijk een neiging om vooral te investeren in de groep die met zo min mogelijk financiële middelen zo snel mogelijk naar werk geleid kan worden.
  • Er is binnen gemeenten te weinig kennis aanwezig om mensen met een arbeidsbeperking adequaat naar werk te helpen.
  • Er is te weinig budget om maatwerk te bieden aan de zeer diverse groep in de participatiewet
  • Mensen met een beperking die niet uitkeringsgerechtigd zijn en mensen die niet in het doelgroepregister staan hebben bijna geen toegang tot voorzieningen die hen helpen aan het werk te komen.
  • Veel partijen roepen op tot uniforme uitvoering van ondersteunende diensten en verstrekking van voorzieningen aan iedereen in de p -wet die dat nodig. Het gaat om iedereen die op alleen eigen kracht niet in staat is duurzaam aan werk te komen, maar dat wel graag wil.

Goed om te zien dat er een algemene tendens uit alle positionpapers tevoorschijn komt.

Wat Incluvisie opvalt is dat waar er door partijen over voorzieningen wordt gesproken het vooral gaat om jobcoaching en loonkostensubsidie. Geen van de partijen praat over de moeizame weg van iemand met een motorische of zintuiglijke beperking die ingewikkelde en vaak dure ICT-aanpassingen nodig heeft om te kunnen werken en die voor de financiering daarvan afhankelijk is van zijn of haar gemeente.  Een grote groep mensen met voornoemde beperkingen komt daardoor niet aan het werk. Oorzaken: Gemeenten hebben te weinig budget voor de dure voorzieningen en er is binnen gemeenten te weinig kennis om te kunnen bepalen of en welke voorzieningen er nodig zijn. De evaluaties van de Inspectie SZW, het SCP en de arbeidsparticipatiemonitor 2019 (UWV) laten zien dat vooral de mensen die relatief beter bemiddelbaar zijn werk hebben hervat. De minder eenvoudig te bemiddelen personen die meer aanpassingen en ondersteuning nodig hebben worden niet of minder frequent bemiddeld. En dit laatste geldt zeker voor mensen met een motorische of zintuiglijke beperking.  Daarom staat IncluVisie, met wat kleine toevoegingen in grote lijnen achter het standpunt van de LCR: Daar waar ingewikkelde ICT-aanpassingen op de werkplek structureel moeten worden ingezet (bijvoorbeeld op de werkplek voor iemand met een motorische of zintuiglijke beperking) zouden deze in beginsel door UWV verstrekt moeten worden” Daar zit al sinds jaren opgebouwde specialistische kennis op het gebied van werkplekaanpassingen voor mensen met  motorische en zintuiglijke beperkingen. Het zal te lang duren voor gemeenten hetzelfde kennisniveau bereikt hebben. Met als gevolg dat kwetsbare jongeren de stap van studie naar arbeidsmarkt niet kunnen maken en er een “lost generation” ontstaat.

Met vriendelijke groet,

Roos Hoelen

Kwartiermaker Incluvisie

roos@incluvisie.nl

06-20915820

www.incluvisie.nl